In 2001 werd ik uitgenodigd een wekelijkse column te verzorgen op de website van Lowlands. De columns hebben er tot oktober 2001 opgestaan, toen zijn ze verdwenen. Voor het eerst kun je ze nu weer lezen. Ik heb er wel een beetje aan gemorreld. Af en toe herhaalde ik me (vooral om mijn sfschuw van piercings en tattoos te ventileren) of soms omdat de werkelijkheid gekker bleek dat mijn fantasie.

Joke

Ik heb lang een hekel gehad aan grootse popfestivals. Dat kwam niet door die popfestivals, maar door het meisje waar ik in de eindexamenklas van de middelbare school verliefd op was.
Joke had de uitdrukking 'playing hard to get' zelf bedacht kunnen hebben. Ik was haar vriendje, maar ze omringde zich steeds met een schare mannelijke waterpoloënde aanbidders. Op school mocht ik haar hand vasthouden, want ik was 'speciaal' voor haar. In het weekend was ze druk zichzelf voor oude, huidige en toekomstige vriendjes onbereikbaar te maken, voornamelijk door zich door hen gedoseerd te laten aflebberen. Jan Lul (ik) keek toe. Altijd uitkijken voor meisjes die vroeg borsten krijgen.
Het hoogtepunt van mijn ellendige bestaan was Pinkpop. Joke ging erheen met de hele meute gespierde reusachtige zwemmers, werd er dronken met onbetrouwbare sujetten en blowde zich met draderige hippies mijlenver van me vandaan. Tenminste, die stoere indruk wekte ze op me. Zoveel moeite hoeven zeventienjarige meisjes daarvoor trouwens niet te doen, voor stoerheid. In die tijd werd Pinkpop rechtstreeks op tv en radio uitgezonden. Ik heb de hele dag tandenknarsend in de achtertuin gezeten.
Ik heb altijd een rotte smaak in mijn bek gehouden als ik alleen al het wóórd popfestival hoorde. Ik meed ze als de pest. Dat is achteraf jammer. Lowlands 2001 is daarom pas mijn vijfde Lowlands en niet mijn negende. Ik heb veel gemist.
Het ging pas ver na Pinkpop uit met Joke. Ik kreeg zelf een beetje genoeg van die 'speciale band' tussen ons, die er op neer kwam dat ik mijn hand niet onder haar bloesje mocht steken. Toen ik dat wel deed kwam ik erachter dat ik niet veel had gemist.


Campingboter

Als ik blikken campingboter zie krijg ik het al koud. Dat we wel eens met de familie op een camping zaten had meer met de bungalowtent van kennissen te maken dan met een bewuste keuze. Wij kwamen meestal in Mol, België terecht. Tenten en caravans tussen de dennen. Je kent het wel. Dennennaalden op het tentdoek. We verveelden ons dood. Er was een campingwinkel, met campingboter en zweetkaas. Een bingohal. En er was een moeras waar we insektenlarven vingen waarvan we hoopten dat het mooie beesten werden. Ze gingen meestal dood. Het hoogtepunt was de geluidswagen die nieuws van de Tour de France bracht. En de mensen die een tv hadden waarop je twee zenders doorelkaar bleek te zien. More is less, soms.
Ik heb toen gezworen nooit meer te kamperen. Toch ben ik in 1997 naar 'A campingflight to Lowlands Paradise' gegaan. Sindsdien maak ik een uitzondering voor campings die hetzelfde ontspanningsprogramma als Lowlands bieden (die zijn er dus niet). Drie dagen bands en bandjes, stand-up comedy, theater, performances, ballet en dans, films en literatuur. Om nog maar te zwijgen van kijken naar gepiercte weirdo's, luisteren naar seks in de tent naast je en ander straattheater. De campingboter met zweetkaas heeft plaats gemaakt voor salades, vers sap, falafel, Mexicaans en multifitdrank.
Wat jammer dat ze dergelijke campings niet hadden toen ik een slungelige adolescent was. En wat jammer dat ik nu geen slungelige adolescent meer ben.


De Lowlands landdag

'Ik dacht altijd dat Lowlands stom was,' zei de mevrouw naast me op het feestje. 'Omdat het georganiseerd werd in de Flevopolder, bij Biddinghuizen, dacht ik dat het een christelijk festival was.' Ik denk dat heel wat jongeren het niet met haar eens zijn, dat een christelijk festival stom zou zijn. Zo'n EO-jongeren landdag, daar ga je echt niet heen om dichter bij de Heer te zijn. Eerder om verder van je ouders te zijn.
Een aantal leerlingen van mijn middelbare school in Etten-Leur zat bij het KOT. Ik weet niet meer waarvan dat een afkorting was, behalve dat die 'K' voor katholiek stond. Katholieke Ontspannings Tijd? Ik heb ook nooit geweten wat precies de bedoeling was van dat KOT. Ze verzamelden eens per week in de kelder van de kerk. Het enige wat me er van bijgebleven is, is dat ze allemaal als eerste van de klas ontmaagd waren en al geblowd hadden voor ik wist wat het woord 'joint' betekende. De kelder was ingericht met losgewrikte verkeersborden en de deur kon op slot.
Als je vindt dat Nederlandse literatuur taai is, dan moet je eens Nederlands gaan studeren. Ik heb zo een portie Middeleeuwse mystieke literatuur te verstouwen gekregen. In die tijd schreef men zoals makelaars tegenwoordig (Groenendael Staete, Hooch Boulandt) en als je daar doorheen was moest je de boel nog eens gaan interpreteren. Religie kon mensen nogal eens geëxalteerd maken. Voorbeelden te over van nonnen die niets meer aten, behalve beschimmeld brood, en zo dicht bij Jezus kwamen. Wat zeg ik, ze raakten ermee 'verenigd'. Beschimmeld brood... Eén hapje en je doet het met Jezus.
Een religieuze ervaring werd beschreven alsof het een orgasme was. Niet zo raar, want het omgekeerde klopt ook: een goed orgasme is als twintig weesgegroetjes in een nanoseconde. En zo maakt het niet veel uit of je op de EO-jongeren Landdag bent, of op Lowlands. Zeker niet als je op zaterdagavond de Foxtrottent binnenloopt.
Er wordt op de Veluwe toch wel voor ons zielenheil gebeden.


Nederlandse habits

In de dagelijkse stroom inzendingen voor de 'Win een optreden op Lowlands' wedstrijd zitten vaak verdwaalde e-mails. Zoals deze (ik neem hem letterlijk over):

*hello!!! alle stuff in orde? vraagje: waarom zou ik naar Lowlands moeten komen?? goede reden! ik moet overgehaald worden namelijk! mssls, karin*

Dat is een moeilijke. Zo te zien is Karin nog maar net van Engeland naar Nederland verhuisd. En hoe leg je een buitenlandse de zeden en gewoontes van het land uit. De taal kun je redelijk snel onder de knie krijgen, maar dan begint het pas. Zo is het in Duitsland en Frankrijk onbeleefd iemand met 'Du' of 'tu' aan te spreken bij de eerste ontmoeting. In België mag je niet met 'Ja lekker!' reageren als iemand je iets te drinken aanbiedt, maar moet je minstens één keer weigeren. Als je in Portugal in de rij gaat staan voor een loket dan wordt je nooit geholpen en een moslim mag je niet in de ogen kijken bij het handen schudden.
Zo vinden Nederlanders dat je nergens toe overgehaald moet worden. Je doet dingen omdat je ze leuk vindt. Niemand hoeft in dit land iets tegen zijn zin te doen. Dat is een van de verworvenheden van de jaren zestig (waarin Lowlands zijn wortels heeft). Rielekst, weet je wel. Zo vroeg iemand mij eens een goede reden te geven waarom ze mijn boek De gemonteerde vrouw moest lezen. Dat weigerde ik. Je leest omdat je er zin in hebt, niet omdat je er een reden voor nodig hebt.
Dat geldt ook voor Lowlands, Karin. Blijf gewoon thuis als je twijfelt. Koop voor die 190 gulden vijf cd's. Ga in het Lowlands-weekend lekker uit in de stad, het zal rustig zijn in de hippe tenten. Niets zo erg als overgehaald zijn en dan liggen balen in je natte tent op de lawaaierige camping omdat je alle bands kut vond.
Maar om je een beetje te helpen: je beheerst de Nederlands taal al voldoende om 'Lowlands' met een hoofdletter te schrijven. En alles dat met een hoofdletter wordt geschreven is belangrijk voor de Nederlander.
Daarom moet je gaan.


Hottentottententententoonstelling

Aan het eind van mijn examenjaar gingen we met zestig schoolgenoten naar een kampeerboerderij in Oisterwijk. Dertig kilometer fietsen, zwaar beladen met luchtbedden en slaapzakken. Behalve Ivo. Die kwam ons achterop in de Golf van zijn moeder met daarin een donzen dekbed en een opgerold matras. Ik zou nu hetzelfde doen. Ik heb de schurft aan kamperen. Als ik op vakantie ga zakt mijn Dafje bijna door zijn assen van de bagage. Daar zit nooit een tent bij. Zelfs geen kookpitje. Wel een picknickmand en een thermoskan. Koffie kun je bij elk café tappen. Ik heb geen slaapzak, geen luchtbed. Als je thuis in een bed slaapt, waarom zou je je het op vakantie dan moeilijk maken?

Ik heb wel eens gekampeerd. Toen ik een kind was. Eén keer maakten we de uitlopers van een windhoos mee die in België bomen ontwortelde en kerken ontdakte. Een andere keer werden we in Zeeland net niet door springvloed weggevaagd. Het schijnt in Nederland 93% van de tijd niet te regenen. In die andere 7% van de tijd ben ik dan altijd gaan kamperen. En als je ergens heengaat waar het nooit regent brandt je om 7 uur 's ochtends uit de tent. Of ze hebben er miljoenpoten van een halve meter lang. Of Duitsers. Doe mij maar geen tent.
Het is me tot nu toe altijd gelukt uit een tent te blijven, op Lowlands. De eerste keer, in 1997, ben ik niet gaan slapen. Tenzij je dat hazenslaapje onder de hapjestafel in de artiestenfoyer meetelt. In 1998 ben ik stiekem op de hotelboot gaan slapen, bij een journalist van Oor. In 1999 heb ik op de achterbank van mijn Daf geslapen. In 2000 kreeg ik het gehandicaptenbed in een gehandicaptenvakantiebungalow. Ik ben benieuwd wat het dit jaar wordt. Het podium van de Alpha-tent? Zoals je ziet, een bungalow of hotel is geen vanzelfsprekende zaak voor het optredende artiestenvolk.
Ik heb de afgelopen jaren al heel wat nieuws geprobeerd op Lowlands, zoals paddo's, dansen, friet in een koffiebekertje en Surinaamse fastfood. Misschien moet ik dit jaar eens in een tent gaan slapen.



Famouz

Als mijn zestien weken als webmeester van 'Jack op Lowlands' voorbij zijn, ben ik een ster. Of anders heel bekend. Of in ieder geval heel machtig. Het kan niet anders. Ik krijg elke dag tientallen e-mails. Van disc-jockeys uit Australië die willen komen draaien. Van bedrijven uit België die t-shirts willen verkopen. Van fans van Green Lizard die hopen dat de band komt optreden. Van onbekende bandjes die de Alpha-tent willen platspelen. En van meisjes die heeeeel erg graag willen komen werken.
Ik voel me directeur van Lowlands. En het voelt goed. Ik denk dat ik vrijdagavond bij de ingang ga staan en willekeurige mensen de toegang ga ontzeggen. De literblikken bier neem ik lekker in beslag en de geurige zelfgebakken appeltaarten haal ik uit de rugzakken om ze ter plekke na het nemen van één hap in de modder te gooien. Als Lowlands begonnen is nodig ik de mooiste mensen backstage uit. Ik ga een potje meedrummen op het Dommelsch-podium. Ik doop de Juliet-tent om in de Jacqueline-tent. En 's nachts mag ik als enige op het festivalterrein mijn tent opzetten. Nee, ik laat er een stacaravan wegzetten. Ik leef de hele dag op zakjes M&M's waaruit scholieren uit Biddinghuizen de bruine hebben gehaald en krijg friet in een colabekertje zonder dat het me muntjes kost.
Of zal ik het toch maar op zijn Nederlands doen? Sterallures plakken namelijk niet zo goed op Nederlanders. Het is backstage meer 'André Hazes: zij gelooft in mij' dan 'Truth or dare: in bed with Madonna'. Imca Marina die iedereen te woord staat. Birgit Schuurman die een handtekening aan Ronald Giphart vraagt en Koos Alberts die zeshonderd keer op de foto gaat (die niemand verscheurt). Aardig tegen iedereen, geen kwaad woord tegen niemand.
Het liefst zou ik zijn als Vader Abraham. Hij kwam vijf minuten voor zijn tijd aanrijden, deed zijn ding, maakte een praatje met iedereen en vertrok weer. Al die tijd had zijn auto met draaiende motor naast de Foxtrottent gedaan. Dat houdt mijn Dafje helaas geen twee dagen vol.



Drugs, seks en boeken

'Backstage I'm lonely, backstage I cry,' zingt Gene Pitney op een van de betere kitschplaten. Ik heb net een mini-tourneetje achter de rug met Writers Block. Een soort 'Best of Writers Block at Lowlands 2000 Tour around the Country.' Samen met Ronald Giphart, Hagar Peeters, Barbara Stok, Jean-Marc van Tol van Fokke & Sukke en De Dichters uit Epibreren heb ik in Utrecht, Amsterdam. Tilburg, Nijmegen, Groningen en Rotterdam gestaan.
Uitsluitend poppodia. Dat komt omdat poppodium Tivoli de organisator is van Writers Block. Een poppodium kan allang niet meer van bandjes alleen bestaan. De meeste zijn daarom multi-media, multi-event uitgaanspaleizen geworden. Natuurlijk hoort literatuur ook daarbij.

En zo leefden we even het leven van een popster, op tournee door Nederland. Meestal reed ik mee met Ronald Giphart, maar zijn Renault Scénic stonk nogal naar dood vlees door de halfopgeknaagde Happy Meals tussen de banken. De auto van Jean-Marc van Tol zakte zowat door zijn assen door de Fokke & Sukke boekjes, -t-shirts, -stickers, -asbakken, -koekblikken, -mokken en -condooms, dus die wilde me alleen naar het station brengen. De Dichters uit Epibreren moesten altijd de andere kant op. Dus ik was overgeleverd aan het management. Dat reed in een auto waarin ze zelf een autoradio hadden gemonteerd. Dat was heel grappig, want als je nu de alarmlichten aanzette gingen de ramen open, als je het groot licht opzette sloeg de cassette af en als we linksaf sloegen sprong de radio naar een andere zender. Lachen.
En zo leefden we even het leven van een popster, op tournee door Nederland. Veel poppodia zitten in een oude, ooit gekraakte gebouwen. Tivoli (Utrecht) en Doornroosje (Nijmegen) zitten wel in sfeervolle panden, backstage blijft het behelpen. In de nieuwbouw is het beter. Mooie ruime kleedkamers met eigen wc's en douches in 013 (Tilburg) en Oosterpoort (Groningen).
En zo leefden we even het leven van een popster, op tournee door Nederland. Een hele dag onderweg voor een kwartier voorlezen. Terwijl het publiek gezellig in de zaal luisterde, zaten wij soms in bedompte kelders, raamloze zolderkasten. Gelukkig hadden we altijd wat om onze tijd mee door te komen: Marsen, Nutsen, bier, wijn, water, notenmixen, snacks, nacho's en fruit. Ik heb het allemaal gezien.
En zo leefden we even het leven van een popster, op tournee door Nederland. Je begrijpt op een gegeven moment, zelfs na zo'n minitourneetje, waarom sterren eisen gaan stellen, of hun eigen catering gaan meenemen. Na drie keer afhaalchinees geloof je het wel. Gelukkig hebben steeds meer podia hun eigen keuken, of anders een inpandig restaurant.

Het meest gastvrij en overdadig werden we in 013 ontvangen, de Brabantse gastvrijheid ten top. En het schrieperigst in Calypso (Rotterdam). Hun Hollandse interpretatie van hapjes was een tweeliterpot zilveruien.



De fuckingline

'wat een kut site, ..... ik vind niet eens de fuckingline up!!!!!!' mailde mij vbfdshbt met e-mailadres evev@yahoo.com. Ik mailde meteen terug dat ik geen voorstander ben van een 'fuckingline' op Lowlands. Het antwoord op de mail van vbfdshbt kwam helaas onbestelbaar retour (no such user). Jammer.

Fuckingline. Ik ken al line-dancing. En als er iets is dat mijn behoefte aan fucking bederft, dan is het wel een rijtje synchroon bewegende dikke konten in kojbojbroeken (al denken ze daar in de nieuwsgroep alt.binaries.pictures.erotica.fetish.fat.ass.line-dancing waarschijnlijk anders over). Het kan een vredig genoegen zijn naar neukende mensen te kijken, maar wel op het moment dat je daar zelf zin in hebt, natuurlijk. Meestal voldoet een pornofilm wel. Geacteerd neuken is veel leuker om naar te kijken dan naar echt neuken. Het valt tegen als je jezelf en je vriend(in) fotografeert of filmt tijdens de daad. Neuken voor de camera moet je aan de profs overlaten, die hebben daar voor geleerd.
Ik moet er niet aan denken dat ik over een fuckingline moet stappen, op weg naar een broodje falafel, of dat Rammstein wordt overstemd door zestig meisjes die tegelijk meervoudig klaarkomen. Of dat ik een spetter zaad in mijn nek krijg terwijl ik naar het straattheater sta te kijken, want er zit altijd een zeventienjarige tussen die twee meter ver kan ejaculeren. En daarbij, na Woodstock 2000 is een fuckingline allang weer passé. Te retro-Sixties, tenzij op het podium van de Foxtrot-tent.
Ik vind Lowlands meer iets voor pijpen, of de 'blow-job' om in de huidige terminologie te blijven. Ondanks de 60.000 mensen bij elkaar is Lowlands een individuele ervaring, een allerindividueelste expressie van het allerindividueelste gevoel. En zoals ik al eens meemaakt toen ik in een slootje ging pissen, ik ben niet de enige die er zo over denkt.
Dus vbfdshbt, laat je condooms thuis en ga op je knieën, want in tegenstelling tot neuken is pijpen ook leuk om naar te kijken als een amateur het doet.



De vriendschapsband

Ik liep laatst met mijn Lowlands 2001-T-shirt over de markt in Utrecht...

...Eh, dat was geen toeval, dat ik dat T-shirt aanhad. Bijna niemand heeft nog zo'n T-shirt. Zelfs van de medewerkers heeft bijna niemand zo'n T-shirt. Ik krijg er dus veel jaloerse blikken om en ik moet zeggen dat ik daar een kinderlijk plezier in heb. Netzoals in de 'crew'-sticker uit 2000 op mijn Dafje. En mijn 'backstage' parkeersticker uit 1998. Ik heb ook van elk jaar de backstage polsbandjes in een la liggen. Maar ik dwaal af...

Bij de fietsbandenkraam herkende een jongen het t-shirt. Binnen 10 seconden stonden we tegen elkaar op te bieden wie het gaafste souvenir had. Ik noemde natuurlijk mijn bovenstaande verzameling op en daar kon de jongen niet tegenop. Maar waar hij me mee wist te overbluffen was zijn polsbandje. Hij had nog steeds zijn polsbandje van 2000 om.
Pubermeisjes knopen vaak een zgn. vriendschapsbandje bij elkaar om dat je moet dragen tot het uit elkaar valt. Het Lowlands-polsbandje moet het symbool zijn van onverwoestbare vriendschap, want het is onverslijtbaar. Lowlands zoemt op dit moment rond. Als ik bij een stoplicht sta hoor ik passerende fietsers '...aar Lowl...' zeggen en ontstaat spontaan een gesprek. Het is een onzichtbaar verbond tussen meer dan vijftigduizend mensen. Nee, niet onzichtbaar, nu ik erop let zie ik de bandjes steeds vaker. Er is nog niemand die het Lowlandslogo op een schouder heeft getatoeëerd (hoop ik), en dit is een mooi subtiel teken. En maar een heel klein beetje ziek. Zou er nog iemand zijn met een bandje uit 1993 om zijn pols?
Ik vind ze ontroerend, die Lowlandssouvenirs. Vooral het t-shirt uit 1997: daar staat mijn naam op. Dáár kon de jongen van de fietsbanden niet overheen.



Wat zou Herman Brood gedacht hebben

Het merendeel van de pubers fantaseert over zelfmoord. Een enkeling voegt de daad bij de gedachte. De rest houdt het bij overwegingen. Er zijn momenten in je leven dat de rust van de dood heel aangenaam lijkt. Na een heftige omwenteling. Of na een onoverzichtelijke grauwe tijd van lamlendigheid.

Het schijnt dat veel zelfmoorden aangekondigd zijn. En per ongeluk lukken. De Amerikaanse schrijfster Sylvia Plath draaide de gaskraan open vlak voor iemand op bezoek zou komen. Ik geloof dat die in de file terechtkwam. Jeroen Brouwers schreef een standaardwerk over schrijvende zelfmoordenaars. Ze lieten meestal een romanpersonage de generale repetitie doen. Ik ben nu aan een boek bezig waarin de hoofdpersoon zich verdrinkt. Ik zal het onthouden, zo tegen de tijd dat ik er niet meer tegen kan. Ik denk dat ik me eerder door mijn kop zou schieten. Als je dat goed doet kun je nog best mooi in de kist liggen, Curt Cobain.
Ik weet niet of van het Hilton hotel springen kan mislukken. Een mooi lijk laat je er niet mee achter. Maar dat was toch al te laat. Michael Hutchins en Ian Curtis hebben zich opgehangen. Ook geen mooi gezicht. Als er een goed moment is om zelfmoord te plegen, dan heeft Herman de perfecte keuze gemaakt. Hij is binnen een dag een held en een heilige geworden.

Ik zag hem wel eens, op het terras van de Zaak in Utrecht. Kleiner dan ik me voorstelde, witter dan ik mogelijk achtte. Ik ken een Unitas-studente (nu een keurig juriste) die over hem heen heeft geplast. Een ex-vriendin die met de cokesnuivende Wild Romance heeft doorgezakt. Een corpsbal die een van de Bombitas heeft geneukt. En ik heb zelf met een zangeres uit het achtergrondkoortje van Ferdi Karnemelk gezoend. Dichter bij Brood ben ik niet geweest. We zouden elkaar niet veel te vertellen hebben gehad.

Ik vond hem niet de koning van de rock'n'roll, maar de paljas van de rock'n'roll. Een om aandacht jengelend kind. Op zich niets mis mee. En hij deed het op onnavolgbare wijze. En verliet het podium 'with a bang'.

'Zijn naam was Herman Brood, en nu is hij dood,' dichtte een journaallezer. Dat kan beter:

Hier ligt Brood.
Hij is dood.



Klont en mauwzeer

De volgende bezorgde e-mail kreeg ik uit Oostenrijk:

'Hallo together! I heard that the festival 2001 is brake off because of the footh and mouth diseases, is this right or just a good joke? I visit your wonderful festival since 1999 and it would be very shitty if it can't happen this year. Please write back! Peace! Flo.'

Het zou wat zijn, Lowlands afgelast vanwege de MKZ. Ik vraag me af of ze in Delft bij Mojo ooit aan dat nachtmerrie-scenario hebben gedacht... Provincie Flevoland hermetisch afgesloten, bussen omgeleid... Geen alternatieve locatie... En dan? 'A virtual flight to Lowlands Paradise?'
Reizen verspreidt ziektes. Rondom luchthavens raken mensen wel eens geïnfecteerd met malaria na een steek van een meegelifte mug en ik heb vaak genoeg een darminfectie uit Portugal meegebracht. Uit heel Europa komen bezoekers aan Lowlands en zo zal er ook wel eens een Brit met Nederlandse griep hebben liggen zweten, of een Deen met een resistente groenpaarse druiper naar huis zijn gegaan.
Het lijkt me verschrikkelijk om ziek te worden op Lowlands. Het ergste dat ik heb meegemaakt is racekak. En racekak is al erg. Je hebt nooit een rustige plee bij de hand. Je zult net zien dat een band een rustig nummer inzet als jij begint te knetteren. Er is niet genoeg papier om je kont af te vegen, zodat je een zurige laag in je bilnaad krijgt waarvan je huid kapot gaat.
Gelukkig heb ik ervaring met drukke, dagendurende festiviteiten. Als geboren Brabander vier ik nog elk jaar carnaval. Racekak kun je echt niet hebben, als je een ingewikkeld kostumeke hebt gemaakt (om over volgkotste plees nog maar te zwijgen). Naast mijn vitamine-B-complex tegen de kater en depressiviteit neem ik altijd Immodium in, de totale darmstillegger. Gezond is het niet, maar wel gemakkelijk dat je vier dagen niet hoeft te poepen.
Ik kan het je aanraden, ik heb mijn verpakking voor Lowlands al weer klaarliggen.



Kritiek gaat van auw

Rob Wout is dood. Dat spijt me voor zijn familie, vrienden en collega's, maar goddank zijn we nu van zijn alter ego Opland verlost.
Begin jaren negentig schreef ik elk jaar in de onderwijsbijlage Kiezen na school van de Volkskrant. De Volkskrant was mijn lijfkrant, dus ik was vreselijk trots dat ik daarvoor mocht schrijven. Viavia hoorde ik zelfs dat er gedacht werd mij een wekelijkse column te geven. Een van mijn lievelingsrubrieken was het wekelijkse verslag van Ineke van den Berg (een naam die ik nooit meer vergeet) uit New York. Prachtige verhalen over Nan Goldin-achtige personages in bizarre situaties. Travestieten, zoektochten naar appartementen, undergroundclubs, elke week een genot. Naast Ineke van de Berg in de Volkskrant te staan! Van de een op de andere dag verdween haar column. Ik schreef een brief aan de hoofdredacteur (kom, hoe heet hij ook alweer), die mij vertelde dat een krant zich voortdurend vernieuwt. Daarom sneuvelen rubrieken.
Ik schreef hem terug waarom hij dan Opland niet aan de kant zette. Ik ergerde me toen al groen-en-geel aan de doodsaaie prenten die elke week hetzelfde waren. Opland was een politiek tekenaar die elk leeg vlak opvulde met tekst omdat je anders niet wist waar de tekening eigenlijk over ging. Ook nog flauwe teksten. Slaapverwekkend en voorspelbaar. Ik stelde voor om Jos Collignon te verhuizen van de Forumpagina naar pagina 3. Jos Collignon! Nog nooit iemand gezien die zonder woorden zoveel kan zeggen.
Harry Lockefeer (oja, zo heette hij) schreef niet meer terug, maar op een bijeenkomst van de Onderwijsredactie zat hij broeierig naar me te kijken. Ik denk dat mijn brief mij mijn wekelijkse column gekost heeft.
Kritiek is een gevaarlijk ding. Ik heb in het begin van mijn carrière ook wel eens de fout gemaakt een andere schrijver kritiek op zijn werk te geven. Het is nooit meer goedgekomen. Ik laat de kritiek voortaan aan de anderen over ('Originele interpretatie, Ruud!' 'Nee, ik heb het nog niet gelezen.') En die zijn er maar genoeg. Er wordt wat afgescholden op deze website. Opmaak zuigt. Navigatie klote. Programmering waardeloos. Kutsoftware van Windows...
Eigenlijk vind ik het wel heldhaftig. Kritiek komt meestal voort uit liefde. Liefde voor de Volkskrant, liefde voor de Mac. En liefde voor Lowlands.



Ik mag ook niks

Een van de eerste dingen die ik deed tijdens mijn eerste Lowlands was paddo's eten. Het beviel zo goed dat ik besloot er een jaarlijkse traditie van te maken, maar de paddoverkoop werd verboden. Terwijl ik me aan het voorbereiden was op een andere kick, stagediven tijdens Vader Abraham in de Foxtrot-tent, werd ook dat verboden. En dit jaar is wildkamperen verboden.
De inventiviteit van de jeugd overtreft elke volwassen bemoeizucht. Het maximum aan bier is opgerekt door de aanschaf van literblikken bier. Harddrugs zijn verboden op het terrein, maar de kenner plukt de kaalkopjes zo op het veld en ik ontmoette ooit een dealertje dat pillen in de kut van zijn vriendinnetje had meegesmokkeld (in filmbusjes, die zijn lichaamsvloeistofdicht). En zo lukte het vorig jaar ook iemand om te stagediven, uit een lichtmast. Er was alleen niemand om hem op te vangen. Het is nu alleen wachten op slimmeriken die vlak voor Lowlands op het evenemententerrein in Biddinghuizen iets kampeerachtigs organiseren zoals een jamboree of een LAN-party (feestje voor extreme game-nerds). De tent staat er dan al, beste plek gegarandeerd.

Wat is het volgende dat er verboden gaat worden? Je hoeft niet lang te zoeken om op het net websites en nieuwsgroepen te vinden die geheel gewijd zijn aan Woodstock 2000. En dan met name aan voyeuristische foto's. 'Upskirt' en 'downblouse' zijn de toverwoorden. Opwaaiende rokjes, konten met strings, openvallende bloesjes, diep-uitgesneden t-shirts. Plassende vrouwen in de bosjes, vrijende stelletjes in, voor en achter de tent. Tamelijk gefrustreerd, maar onschuldig dus. En toch, in deze verwarrende expliciete preutse tijden, lijkt met dat het ideale excuus om van het gedonder met de auteursrechten van de bands af te komen. Afgelopen met de fotocamera's, dus.
Maar de inventiviteit... Je kunt inmiddels mobieltjes kopen waaraan je een digitale camera kunt klikken. De gemaakte foto's kun je onmiddellijk het net op mailen. De enige manier om dat te voorkomen is mobieltjes op het terrein te verbieden.
Ik vrees alleen dat dan niemand meer naar Lowlands komt.



Welkom op je bruiloft

Ik ben waarschijnlijk de enige Nederlander, wat zeg ik, de enige vent ter wereld, die nooit een vakantievriendinnetje heeft gehad. Ik ken geen vrouw of is ze in het buitenland door een Griek, Turk, Amerikaan of Spanjaard afgelebberd en – liefst nog – ontmaagd, ik ken geen vent die niet met een Angèle, Rosario of Heidi heeft liggen vozen, maar ik, ik ging altijd naar huis zonder adres, zonder foto, zonder druiper.
Eén keer gebeurde er iets superromantisch, toen in Barcelona een meisje na twee weken afstandelijkheid hijgend aan mijn auto stond. Op de straathoek stonden mijn twee reisgenoten sjaggerijnig te wachten, de sleutels van het geleende appartement had ik net in de brievenbus gegooid. De eerste kus (gepassioneerd kruisgedraai) was de laatste en meer zat er niet meer in. Ik heb haar nog gebeld, maar zoals het hoort, haar vriendje nam op.
Ik weet niet waarom het op vakantie maar niet wil lukken. Jarenlang ben ik elke Karnaval geëindigd met een Karnavalsvriendinnetje. Dat was meestal het meisje waarmee je op dinsdagavond twaalf uur in je armen stond, nadat je de een na de ander gezoend en betast had. Het waren liefdes die niet lang duurden. Ze bleken minder interessant, ik bleek minder interessant, of ze woonden te ver weg. Ze hadden eigenlijk een vriendje. Of ze bleken, met de make-up eraf, minderjarig te zijn. Vergelijkbaar met de vakantieliefde dus.
Haal mensen uit hun dagelijkse sleur en de liefde bloeit op. Op personeelsuitjes, op familiefeesten, de TT van Assen en tijdens seminars en congressen, overal stromen de hormonen. Lowlands is geen uitzondering. Er wordt wat afgevreeën, -gelebberd, en geneukt tussen mensen die elkaar eerder niet kenden.
Mijn staat van dienst is helaas weer weinig indrukwekkend. Ik heb nog nooit een Lowlandsvriendinnetje gehad. Ik zal wel iets verkeerd doen dat ik op de Karnaval wel goed doe. Er is één halfslachtige poging geweest, na een veelbelovend oogcontact, maar dat verzandde al snel in getheoriseer over contact leggen. Daarmee was de angel er meteen uit.
De contacten die je legt zijn meestal oppervlakkig, maar er zijn uitzonderingen. Zo is een ex van mij getrouwd met haar Griekse vakantievriendje en zo ga ik binnenkort trouwen met mijn Karnavalsvriendinnetje uit 1992, 1993 en 1999 (ik ben geen Mormoon, het was telkens dezelfde). We hebben overwogen met Karnaval te trouwen, maar ik zag mijn stijve Hollandse vrienden niet in bananenpak het gemeentehuis binnenlopen. Gelukkig zijn we samen een keer als bruidspaar gegaan, dus de bruidsreportage hebben we al...
En zo zijn er drie stellen die elkaar op Lowlands hebben leren kennen en ook op Lowlands gaan trouwen. In de Foxtrottent, tussen de stripteases, Sound of Music dating show en de honderd Nederlandstalige hits van Vic van de Reijt door.
Een mooie gelukkige vertoning, mag ik hopen, maar laten we één ding niet vergeten. Vaak vergeten de vakantie-, Karnavals- en Lowlandsliefdes dat er iemand thuis op hen zit te wachten. Laten we dus in de Foxtrottent juichen voor de gelukkigen en tegelijk met respect denken aan al die anderen die dankzij Lowlands hun relatie kapot hebben zien gaan.



Het vrijwillig stigma

Het was een paar weken geleden een storm in een glas water: Leidse asielzoekers hadden een gele sticker op hun fiets die duidelijk moest maken dat ze hem zelf in de arbeidstherapeutische werkplaats uit vijf wrakken hadden samengesteld. In plaats van gestolen. Gelijk een hoop heisa. Een paar keer kort door de bocht en de gele sticker werd gelijkgesteld aan een Jodenster. Nee, dat kan dus echt niet in Nederland.
Terwijl het op zich een goed idee is. Het zou alleen voor iedereen ingevoerd moeten worden. Iedere fiets een kentekenplaatje, dat duidelijk maakt dat de berijder de rechtmatige eigenaar is. Zoveel weerzin bestaat er tegenwoordig niet meer tegen merktekens.

Op dit moment is de Utrechte Introductie Tijd (een gezochte benaming om de mooie afkorting UIT-dagen te krijgen) aan de gang. Voor het eerst hebben alle eerstejaars een fluorescerend roze polsbandje om, dat hen vijf dagen lang de toegang tot de talloze culturele evenementen als een biercantus, bierboot, bierwagen en bierestafette verleent. Het is best een handig systeem. Er zullen nooit meer verdwaalde groepjes sufgeblowde Italiaanse toeristen de rondleidingen op het corps verpesten, of profiteren van de koffie voor een kwartje. En wat ook handig is voor de geile ouderejaars: de onschuldige eerstejaars zijn nu op kilometers afstand te herkennen. En onder een blacklight in een danstent met je ogen dicht. Alsof je in korte broek, met je creditcard tussen je tanden en met een camera om je nek 's avonds over de Wallen gaat wandelen en dan verbaasd bent dat je een steegje ingetrokken wordt en beroofd.

En toch en toch... Ik snap het wel. Ik ben ook twaalf geweest. Ik kan me de Zundertse kermis nog goed herinneren. Vier weken zat je elke dag op je knieën tussen de aardbeien om het verdiende geld er dan in vier dagen doorheen te jagen. Het hoogtepunt was het 'Lunapark', door iedereen 'De Kekewalluk' genoemd. Er draaide keiharde muziek (elk jaar Double Barrel) en iedereen die meetelde had een vierdagenkaart. Het was een kartonnen strip, die, heel belangrijk, rond een lusje van je spijkerbroek werd geniet. En daarna kon je zo vaak als je wilde over de gekke trappen, bewegende banden, draaiende trommels en stroeve glijbaan. Natuurlijk werd je verliefd op die ene en natuurlijk was het heel stoer om af en toe quasi-noncha boven op de balustrade te hangen en te kijken naar de mensen beneden. Als je zo'n vierdagenkaart had telde je mee.

Maar het was niet zo simpel. Zelfs al je aan alle codes voldoet is er nog die ene belangrijke voorwaarde: de rest moet je aardig vinden. Ik heb zo heel wat rondjes gemaakt door de kekewalluk en ik bleef hardnekkig glimlachen om te laten zien dat ik lol had. Maar de enige vrouwen waar ik mee praatte waren mijn zussen. En die vonden me te oud en/of te jong om met hen gezien te worden.
Er lopen deze dagen weer heel veel jongens en meisjes rond die gezellig proberen mee te doen in het volle besef dat ze er eigenlijk niet bijhoren. Tot ze erachter komen dat jezelf blijven de enige manier is.
Blijf jezelf.



Hoezo uitverkocht?

Christian Wiemhöfer uit Duitsland kreeg de schrik van zijn leven. Wilde hij naar Lowlands komen, bleken de kaarten uitverkocht!

"i cant speak dutch so i'll try english : Where can I get tickets for Lowlands , im needing just two but everyone keeps telling me its sold out , but I cant believe it because there are 55000 places . Is there a chance to get tickets direct at the festival or so ?? Greetings , Christian"

Ja, hoe is het in godsnaam mogelijk. Er zijn zelfs 57.000 kaarten verkocht. Wat ik nou raar vind is niet dat het uitverkocht is, maar dat in augustus mensen opeens naast een kaartje grijpen. Dan heb ik niet over wazige Duitsers, maar over goed geïnformeerde Nederlandse jongeren. Wie zijn dat dan? Spijtoptanten die een jaar wilden overslaan? Feestbeesten die eerder terug zijn gekomen van Salou? Schijterds die niet meer naar een dance-event durven en daarom liever naar iets anders gaan dan Awakenings?

Terwijl de kans dat je alsnog een kaartje op de kop kunt tikken vrij groot is. Hoe populairder en hoe grootschaliger, hoe groter de kans dat er mensen zijn die niet kunnen komen.
Ik heb zelf ook nog eens een halve middag schijtend van angst met vier kaarten voor Genesis (35 gulden) staan leuren midden in Leiden. Gelukkig kreeg ik ze verkocht. Zelfde verhaal met de binnen twee dagen uitverkochte oudjaarsfeesten in Tivoli (25 gulden) en de Utrechtse School (50 gulden). Het leek alsof niemand de moeite nam alsnog te komen. En ik verkocht ze nog zonder een cent winst. Ik durf dus gerust naar een uitverkochte film of theatervoorstelling. Altijd iemand die zijn gereserveerde kaarten niet komt ophalen.
Ik moest met mijn kaarten leuren omdat er mensen op het laatste moment niet meekonden, maar het lijkt alsof er neurotisch wordt gereserveerd en vooruitgekocht in Nederland. (Wist je overigens dat restaurants altijd op een paar tafels het bordje 'gereserveerd' zetten? Als er dan gasten in een uitgestorven zaak binnenkomen geeft ze dat het idee dat er zo anderen komen. En dat ze het geluk hebben een tafel te krijgen zonder te reserveren.) Want ja, je zou maar eens iets missen. Ik weet dat ik vroeger wel eens uitging uit angst iets te missen. Ik ging uit om te kijken wat ik anders gemist zou hebben. Meestal was dat niet veel.
Het is nog niet zo lang geleden dat je op een avond gerust drie danstenten kon proberen. Als je vijf gulden entree moest betalen was het al veel. Is zo'n kroegentocht tegenwoordig al duur, met Carnaval of Oudjaar kun je het helemaal vergeten. Je bent ergens binnen en bidt dan maar dat het leuk is.
Afijn, dat is dan het leuke van Lowlands. Als je eenmaal het terrein op bent hoef je niets meer te missen. Als de Foxtrottent vol is kun je altijd nog naar Six Flags en als je wilt kun je drie dagen in je tent liggen blowen.

Dat zal Christian Wiemhöfer uit Duitsland allemaal Wurst wezen, natuurlijk. Zal hij nog aan kaartjes kunnen komen? Ik heb hem in contact gebracht met Mandy Kriester die me een paar dagen eerder deze mail stuurde: "hi there! i have a problem. I have bought 4 tickets for lowlands but neither me nor my friends can make it. Is there like a message board or guest book for lowlands where i could try reselling the tickets ??? (for less money even!!!) please help. i paid for all of them and it is quite a lot of money. i hope to hear from you. cheers man." Ik hoop dat het hem lukt.



Bij Hoevelaken rechtsaf

Je ziet ze op het Carnaval wel eens lopen. Hier en daar een gedurfde schminkstreep op hun gezicht. Een fluorescerende pruik op hun bleke kop. Hun kiel komt recht uit de verpakking, de vouwen zitten er nog in. Daaronder een heuptasje met hun portemonnee. Maar lol dat ze hebben. Oh, nee, 'leut'. En om te laten zien hoe goed ze het naar hun zin hebben gaan ze in polonaise.
Hollanders. Altijd weer die gezellige meedoeners van boven de rivieren die in polonaise door de zaal gaan, dwars door de meute bananen, vuilnisbakken, conducteurs, ballerina's, Jezus'en en groentetuintjes. De voorste met de handen de lucht in en de boventanden op de bovenlip. De slang gaat door de zaal en je weet precies met wie je niet moet praten die avond. En daar staan ze dan, even later, met dat signaal boven hun hoofd 'Ik heb geen verstand van Carnaval, want ik loop in de polonaise.' Arie Ribbens noemde zijn wereledhit niet voor niets 'Polonaise Hollandaise'.
Ik vraag me altijd af waarom de polonaise wordt vereenzelvigd met Carnaval. Ik polonaise nooit. Ik 'hos', een Brabantse vorm van pogoën. De Brabanders en Limburgers in de zaal begrijpen waarschijnlijk wat ik bedoel. Je kunt het beter niet doen met een glas bier in je hand. Of een sigaret. En je kostumeke moet niet aan elkaar geniet zijn. Hossen is rauw. Als je niet uitkijkt kun je er zelfs blauwe plekken aan overhouden. Van Dale omschrijft polonaise als 'hossen in een lange sliert'. Daarom is de polonaise waarschijnlijk zo populair bij Hollanders. Polonaise is hossen voor mietjes.
In 1987 deed Café de Klomp in Etten-Leur op Carnavalsmaandag een poging het wereldrecord polonaise te verbreken. Het stond toen op 3.800 mensen. Er werd op die niet-gedenkwaardige dag een poging gedaan het record scherp te stellen op 5.000. Maar het regende en de teller kwam niet verder dan 3.361. (Gelukkig is het maatschappelijke relevante wereldrecord Stoelendans, Was Ophangen en Bliklopen wel voor Etten-Leur veiliggesteld.) Het wereldrecord stond inmiddels op 9.000, vorig jaar gevestigd in Maastricht (dat moeten dan alle aanwezige Hollanders geweest zijn, die om negen uur in de laaatste trein terug naar boven de rivieren zaten).

Voor de organisatie van Lowlands, die dit jaar het wereldrecord 'Aantal mensen op één camping', 'Rij voor de plee', 'Wildplassen' en, vooruit, 'Bezoekers aan een driedaags festival zonder noemenswaardige incidenten' hadden kunnen vestigen, een reden om dat record dit jaar op 10.000 te stellen. In de Foxtrot is het toch altijd Carnaval, dus waarom niet. Het is gelukt, het waren er zelfs veel meer.
Ik heb na Lowlands onmiddellijk de uitgever van Het Grote Recordboek gebeld en die hadden twee dingen over het wereldrecord mee te delen. Op dezelfde dag vond in Raalte eveneens een wereldrecordpoging polonaise plaats, georganiseerd door de plaatselijke Carnavalsvereniging de Stoppelhanen, die elk jaar Het Grote Recordboek lastig vallen met een poging Worsthappen, Dwergwerpen of Zwientietikken. Want Raalte, zoals iedereen weet, ligt niet onder de rook van Roermond. Maar in Overijssel. Dat stelt me in ieder geval een beetje gerust, dat het geen Limburgers zijn met een klap van de molenwiek.
Of hij gelukt is wist ze me nog niet te vertellen, maar het kan niet anders dan dat de Lowlanders dat stelletje suffe Tukkers dwars hebben gezeten. Op zich sympathiek, maar zoals ik zei, de mevrouw van het Recordboek had twee dingen te vertellen. Het wereldrecord polonaise is twee jaar geleden gevestigd in Florida. Het staat op 119.000 mensen.
Hoe hard je ook je best gedaan had en zelfs als het gelukt was alle bezoekers, personeel en artiesten op Lowlands in polonaise te krijgen, dan had de Lowlands polonaise nog maar de helft van die 119.000 gehaald. Jammer maar helaas. Laten we er toch maar een traditie van maken. Als je in polonaise door de Alpha-tent gaat, krijgt tenminste iedereen de kans één keer vlakbij het podium te staan.
Ook jammer is het dat de organisatie van Dance Valley niet op het idee van een recordpoging polonaise is gekomen toen iedereen naar huis liep. En als ze het rcord Langste Polonaise niet gevestigd hadden, dan hadden ze De Polonaise Die Het Langste Duurde wel in hun zak kunnen steken.